Leestijd: circa 5 minuten

23/11/2017

Afgelopen weekend trokken heel wat mensen naar het Limburgse Kuttekoven. De reden daarvan? Het ophefmakende kunstwerk “Holy Cow”, vervaardigd door kunstenaar Tom Herck. Het Katholieke forum is niet bepaald opgezet met de gekruisigde koe, die badend in melk tentoongesteld wordt in de kerk. Zij stelt dan ook dat dit “een satanisch beeld en een wansmakelijke belediging aan God en het katholicisme” inhoudt. Tom Herck is het daar niet mee eens: voor hem is het werk een weerspiegeling van de verspilling in onze maatschappij. Het was nooit zijn bedoeling om de katholieke Kerk te beledigen.

Hoe ver kan en mag een kunstenaar eigenlijk gaan? Zijn er grenzen aan zijn recht op vrijie meningsuiting? Een kunstenaar tast doorgaans graag de grenzen af van wat kan of niet kan, maar kan dit zomaar?

Kunstvandalisme

Ondertussen werd het werk van Tom Herck besmeurd door vandalen. Kan hij bijvoorbeeld een schadevergoeding vorderen wegens vandalisme op basis van zijn auteursrecht? Het auteursrecht biedt de kunstenaar immers het recht om derden te verbieden zijn werk te gebruiken (of in dit geval misbruiken) en het recht om tentoon te stellen. De theorie blijft echter te vaak dode letter. In de rechtspraak kunnen we heel wat voorbeelden terugvinden waarbij de kunstenaar in de kou bleef staan, ondanks aantastingen van zijn werk. Zo wierp een poetsteam in Nederland een kunstwerk in de vuilnisbak omdat het voor hen onduidelijk was dat het om een kunstwerk ging. Ook een wandschildering werd al eens doodleuk overschilderd. Hoewel het telkens ging over duidelijke inbreuken op het auteursrecht van de kunstenaar, werd de vordering tot compensatie in beide gevallen afgewezen. De kans is groot dat Tom Herck hetzelfde lot zal ondergaan.

Het vandalisme toont echter wel aan dat het kunstwerk controversieel is. Een schadevergoeding zal Tom Herck misschien niet onmiddellijk bekomen, maar omgekeerd kan het recht om tentoon te stellen hem niet zomaar worden ontnomen. Naast het recht om tentoon te stellen, kan iedere kunstenaar bovendien terugvallen op de vrijheid van meningsuiting, nog steeds verankerd als grondrecht in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en de Belgische Grondwet. Is dit recht een vrijgeleide voor iedere kunstenaar of zijn er grenzen?

Hoe ver reikt de vrije meningsuiting van een kunstenaar?

Voor de één heeft kunst het gewenste effect en voor de ander juist het tegenovergestelde. Er zijn dus verschillende belangen in het spel: deze van de kunstenaar en deze van het Katholiek forum. Hoe moeten beide belangen verzoend worden? Primeert het recht van de kunstenaar op dat van het Katholieke forum? Hoe ver reikt het recht op vrije meningsuiting van een kunstenaar?

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft bepaald dat artistieke expressie binnen de reikwijdte van de vrijheid van meningsuiting valt. Hieruit mag niet worden afgeleid dat er strafbare feiten mogen worden begaan via het maken van kunstwerken. Aan kunstenaars wordt wel een zekere ruimte gelaten om kwetsende, choquerende of verontrustende werken te maken.

Bij de belangenafweging tussen het recht van de kunstenaar en deze van het Katholiek forum spelen drie factoren een belangrijke rol. Om te beginnen moet er gekeken worden in hoeverre er ruimte is voor de beoordeling van de nationale rechter (margin of appreciation). Ten tweede is het publiek waarop de kunstenaar zich richt belangrijk. Als laatste moet ook de draagwijdte van de beperkingen van de kunstvrijheid in overweging worden genomen, waarbij het beginsel van evenredigheid een belangrijke rol speelt.

Het Hof vindt dat wanneer religieuze gevoelens of de goede zeden in het spel komen, de nationale rechter een grote appreciatiebevoegdheid moet krijgen. Er bestaat in Europa nog geen consensus over de inhoud van deze begrippen waardoor de nationale rechter beter in staat is te beoordelen wat daaronder begrepen moet worden. Zo heeft de rechter ruimte om traditie, maatschappelijke opvattingen, gevoeligheden en nationale culturele eigenheden mee te wegen.

Conclusie

Het kan niet de bedoeling zijn dat alles wat aanstootgevend is gecensureerd wordt. Kunstenaren moeten het recht hebben om via hun werk een kritische blik te werpen op de maatschappij. Toch zijn er nog steeds grenzen aan de expressievrijheid. De belangen van de verschillende betrokkenen, zoals hier bijvoorbeeld de religieuze overtuigingen van het Katholiek forum, moeten mee in rekening gebracht worden. Het recht op vrije meningsuiting reikt slechts zo ver als de fundamentele rechten van anderen.

Kunst is een subjectief gegeven en of een bepaald werk nu al dan niet valt onder het recht op vrije meningsuiting zal in een geschil beoordeeld moeten worden door de nationale rechter die daartoe over een ruime appreciatiebevoegdheid beschikt. Veel zal afhangen van de culturele achtergrond van een staat.

 

Geschreven door Anna Aleksanjan, Sofie Van Heesvelde en Julie Verstichel.